Copyright CANON INC. 1994-2005
____________________________________________________________________
Canon MP-stuurprogramma's
voor Microsoft Windows XP/Windows 2000/Windows Me/Windows 98
Versie: 1.01
Printerstuurprogramma: versie 1.90/8.60
Scannerstuurprogramma: versie 11.2.0.0.mp02
Opslagstuurprogramma: versie 1.02
____________________________________________________________________
Dit bestand bevat informatie die niet in de elektronische
handleiding is opgenomen. Deze informatie kan van pas komen bij
het oplossen van eventuele problemen met de Canon MP150.
====================================================================
INHOUD
====================================================================
Algemene opmerkingen
1. Belangrijk
2. Afdrukken (Windows XP/Windows 2000)
3. Afdrukken (Windows Me/Windows 98)
4. Scannen
Opmerkingen bij toepassingen
1. Afdrukken (Windows XP/Windows 2000)
2. Afdrukken (Windows Me/Windows 98)
3. Scannen
====================================================================
Algemene opmerkingen:
====================================================================
1. Belangrijk
--------------------------------------------------------------------
- Bij sommige USB-hubs kunnen problemen optreden met de MP-
stuurprogramma's Als dit gebeurt, sluit u het apparaat direct aan
op de USB-poort van de pc, of sluit u het apparaat op een andere
USB-poort aan.
- Bij sommige toepassingen onder Windows Me of 98, die de
verwisselbare schijven op het apparaat bewaken, kan de computer
trager gaan werken of wordt het afdrukken of scannen niet goed
uitgevoerd. U kunt deze problemen oplossen door deze toepassingen
te sluiten.
- Wanneer u het apparaat aansluit op de pc, is het mogelijk dat het
station van de kaartlezer niet in Windows Verkenner verschijnt.
Dit kan gebeuren wanneer u een netwerkstation toewijst aan het
station dat volgt op de lokale volumes en wanneer er aan cd-rom-
stations stationsletters zijn toegewezen. Als dit probleem
optreedt, wijst u het netwerkstation toe aan een andere
stationsletter en start u de pc opnieuw op.
- Wanneer u met zeer grote bestanden werkt, is het mogelijk dat
het virtuele geheugen van Windows op raakt, waardoor Windows niet
meer goed werkt. Raadpleeg in dit geval de handleiding bij
Windows voor instructies over het vergroten van het virtuele
geheugen.
2. Afdrukken (Windows XP/Windows 2000)
--------------------------------------------------------------------
- Bij sommige toepassingen werkt de instelling voor [Aantal
exemplaren] niet wanneer deze instelling in het
printerstuurprogramma wordt opgegeven. In dit geval geeft u deze
instelling in het dialoogvenster [Afdrukken] van de toepassing
op.
- Wanneer u bij sommige toepassingen meerdere exemplaren van een
document wilt afdrukken en de optie [Sorteren] op het tabblad
[Pagina-instelling] van het printerstuurprogramma of in het
dialoogvenster [Afdrukken] van de toepassing is ingeschakeld,
wordt het afdrukken niet correct uitgevoerd. U lost dit op door
[Sorteren] uit te schakelen voordat u gaat afdrukken.
- Als u afdrukt zonder rand, wordt het document vergroot tot het
groter is dan de pagina zodat het document wordt afgedrukt zonder
randen. Als [P 89x254mm] is geselecteerd voor [Paginaformaat] op
het tabblad [Pagina-instelling], wordt het gedeelte buiten de
pagina in sommige gedeelten groter dan wanneer een ander
paginaformaat is geselecteerd. Als u niet tevreden bent met het
resultaat van afdrukken zonder rand, vergroot u het document
minder om het bereik van het document dat moet worden afgedrukt,
uit te breiden.
- Bij bepaalde toepassingen werkt het afdrukken niet goed als
[Afdruktype] of [Halftint] is ingesteld op [Auto]. In dit geval
start u de [Afdrukadviseur] op het tabblad [Afdruk] en selecteert
u de optie [Een foto van topkwaliteit afdrukken] of [Tabellen en
diagrammen afdrukken]. U kunt ook [Afdrukkwaliteit] op het
tabblad [Afdruk] instellen op [Aangepast] en een andere
instelling dan [Auto] kiezen voor [Halftint]. Stel vervolgens
[Kleur/Intensiteit] in op [Handmatig] en selecteer een andere
instelling dan [Auto] voor [Afdruktype].
- Wanneer u gegevens afdrukt met gradaties of met veel grafische
informatie, is het mogelijk dat deze niet worden afgedrukt. Dit
gebeurt als er onvoldoende schijfruimte op de harde schijf is
voor de tijdelijke opslag van gegevens. U lost dit op door 40-50
MB ruimte vrij te maken op de schijf waar Windows XP of Windows
2000 is geïnstalleerd. U kunt ook voldoende ruimte toewijzen aan
de spoolmap op de schijf. Als u de locatie van de spoolmap wilt
wijzigen, voert u de onderstaande stappen uit.
1. Selecteer de volgende items in het menu [Start]:
Voor Windows XP: [Configuratiescherm]-[Printers en andere
hardware]-[Printers en faxapparaten]
Voor Windows 2000: [Instellingen]-[Printers]
2. Selecteer [Eigenschappen voor Server] in het menu [Bestand].
3. Klik op het tabblad [Geavanceerd], wijzig de naam van het
station bij [Spoolmap] en klik op [OK].
- Als u een afdruktaak in de map Printer tijdens het afdrukken
annuleert, duurt het enige tijd voordat het afdrukken
daadwerkelijk stopt.
- In sommige gevallen wordt er niet afgedrukt als er niet
voldoende virtueel geheugen beschikbaar is. U kunt dit probleem
oplossen door het bestandsformaat van het virtuele geheugen te
vergroten volgens de onderstaande procedure.
Voor Windows XP
1. Klik in het menu [Start] op [Configuratiescherm] - [Prestaties
en onderhoud] - [Systeem].
2. Klik in het venster [Systeemeigenschappen] op de tab
[Geavanceerd].
3. Selecteer [Instellingen] in het gedeelte Prestaties.
Als het venster [Instellingen voor prestaties] wordt
weergegeven, klikt u op de tab [Geavanceerd] en wijzigt u het
bestandsformaat door op de knop [Wijzigen] te klikken in het
gedeelte Virtueel geheugen.
Voor Windows 2000
1. Klik in het menu [Start] op [Instellingen] -
[Configuratiescherm] - [Systeem].
2. Klik in het venster [Systeemeigenschappen] op de tab
[Geavanceerd].
3. Selecteer [Instellingen voor prestaties] in het gedeelte
Prestaties en wijzig het bestandsformaat door op de knop
[Wijzigen] te klikken in het gedeelte Virtueel geheugen.
- Als de geselecteerde [Taal] in het dialoogvenster [Info] niet
overeenkomt met de taal van het besturingssysteem, wordt het
venster van het stuurprogramma wellicht niet juist weergegeven.
- Wijzig niet de instellingen voor [Afdrukprocessor] op het
tabblad [Geavanceerd] van het eigenschappenvenster van de
printer. Als u dit wel doet, kunnen de volgende functies niet
worden gebruikt:
- [Afdrukvoorbeeld] op het tabblad [Afdruk]
- [Pagina-indeling afdrukken], [Poster afdrukken], [Boekwerkje
afdrukken] en [Dubbelzijdig afdrukken] op het
tabblad [Pagina-instelling]
- Alle functies van stempel afdrukken en achtergrond afdrukken
- De volgende functies kunnen niet worden gebruikt als u de optie
[Geavanceerde afdrukfuncties inschakelen] op het tabblad
[Geavanceerd] van het eigenschappenvenster van het
printerstuurprogramma uitschakelt:
- [Afdrukvoorbeeld] op het tabblad [Afdruk]
- [Pagina-indeling afdrukken], [Poster afdrukken], [Boekwerkje
afdrukken], [Dubbelzijdig afdrukken], [Vanaf de laatste
pagina afdrukken] en [Sorteren] op het tabblad
[Pagina-instelling]
- [Hoeveelheid spoolgegevens reduceren] in het dialoogvenster
[Afdrukopties]
- Alle functies van stempel afdrukken en achtergrond afdrukken
- De volgende functies kunnen niet worden gebruikt als u een
toepassing gebruikt die EMF-spooling niet ondersteunt
(bijvoorbeeld Adobe PhotoShop LE en MS Photo Editor):
- [Afdrukvoorbeeld] op het tabblad [Afdruk]
- [Pagina-indeling afdrukken], [Poster afdrukken], [Boekwerkje
afdrukken], [Dubbelzijdig afdrukken], [Vanaf de laatste
pagina afdrukken] en [Sorteren] op het tabblad
[Pagina-instelling]
- Alle functies van stempel afdrukken en achtergrond afdrukken
- De volgende functies kunnen niet worden gebruikt als u
[Afdrukken naar bestand] selecteert in het dialoogvenster
[Afdrukken] van de toepassing:
- [Afdrukvoorbeeld] op het tabblad [Afdruk]
- [Pagina-indeling afdrukken], [Poster afdrukken], [Boekwerkje
afdrukken], [Dubbelzijdig afdrukken], [Vanaf de laatste pagina
afdrukken] en [Sorteren] op het tabblad [Pagina-instelling]
- Alle functies van stempel afdrukken en achtergrond afdrukken
- Wanneer [Pagina-indeling afdrukken] op het tabblad [Pagina-
instelling] is ingesteld op [2 pagina-afdruk] of hoger, kunnen in
bepaalde toepassingen de pagina's worden afgekapt. Als dit
gebeurt, past u de indeling van de pagina's aan in de toepassing.
- Wanneer u een poster, stempel of achtergrond afdrukt, is het
aantal weergegeven pagina's van het document in de wachtrij
groter dan het werkelijke aantal pagina's.
- De kleuren in de schermweergave van de toepassing kunnen
verschillen van de kleuren in de weergave van het voorbeeld.
- De kleuren in de weergave van het voorbeeld kunnen verschillen
van de kleuren op de afdruk.
- Aangezien de resolutie in de weergave van het voorbeeld
verschilt van de resolutie van de afdruk, kunnen tekst en lijnen
in het voorbeeld er anders uitzien dan op de eigenlijke afdruk.
- Bij sommige toepassingen wordt het afdrukken onderverdeeld in
meerdere taken. In dit geval wordt in de weergave van het
voorbeeld alleen de taak weergegeven die wordt afgedrukt en kan
de weergave er anders uitzien dan door de gebruiker was bedoeld.
- De weergave van het voorbeeld kan in de volgende gevallen niet
worden gebruikt:
- Wanneer tijdens het afdrukken met de rechtermuisknop op het
printerpictogram wordt geklikt en [Printer off line gebruiken]
wordt geselecteerd
- Wanneer tijdens het afdrukken met de rechtermuisknop op het
printerpictogram wordt geklikt en [Printer off line gebruiken]
wordt geselecteerd
- Wanneer u een netwerkprinter gebruikt en de Canon IJ-
statusmonitor op de client is actief, wordt er een opdracht naar
de printer gestuurd om de status op te halen. Als u de optie
[Waarschuwing geven als externe documenten worden afgedrukt] op
het tabblad [Geavanceerd] van het dialoogvenster [Eigenschappen
voor afdrukserver] op de afdrukserver hebt geactiveerd,
verschijnt er bij elke opdracht een bericht op de client dat het
afdrukken is voltooid. Om te voorkomen dat deze berichten
verschijnen, maakt u de selectie van de optie [Waarschuwing geven
als externe documenten worden afgedrukt] op het tabblad
[Geavanceerd] van het dialoogvenster [Eigenschappen voor
afdrukserver] op de afdrukserver ongedaan, en start u de
afdrukserver opnieuw op om de instelling in werking te laten
treden.
- Als u Windows afsluit terwijl er een bestand op de printer wordt
afgedrukt, wordt de taakinformatie mogelijk niet bijgewerkt. In
dit geval wordt dezelfde taak geactiveerd wanneer u Windows weer
start.
- Wanneer u een computer gebruikt met Windows XP of Windows 2000
die is aangemeld bij een Werkgroep in plaats van een Domein als
een servercomputer voor het delen van de printer, is het mogelijk
dat het afdrukken vanaf een clientcomputer niet goed werkt. Als
dit probleem optreedt, moet u zich aanmelden bij een Domein of
een account toevoegen aan de servercomputer voor elke gebruiker
in de Werkgroep die vanaf een clientcomputer afdrukt.
3. Afdrukken (Windows Me/Windows 98)
--------------------------------------------------------------------
- U schakelt de Canon IJ-statusmonitor in door bi-directionele
communicatie in te schakelen in Windows.
Klik op [Instellingen] in het menu [Start] en selecteer
[Printers] om het eigenschappenvenster van de printer te openen.
Ga naar het tabblad [Details] en klik op de knop [Wachtrij-
instellingen...]. Selecteer vervolgens [Bi-directionele
ondersteuning voor deze printer inschakelen].
- De canon IJ-statusmonitor kan niet worden gebruikt wanneer de
printer als een netwerkprinter wordt gebruikt.
- Als u afdrukt zonder rand, wordt het document vergroot tot het
groter is dan de pagina zodat het document wordt afgedrukt zonder
randen. Als [P 89x254mm] is geselecteerd voor [Paginaformaat] op
het tabblad [Pagina-instelling], wordt het gedeelte buiten de
pagina in sommige gedeelten groter dan wanneer een ander
paginaformaat is geselecteerd. Als u niet tevreden bent met het
resultaat van afdrukken zonder rand, vergroot u het document
minder om het bereik van het document dat moet worden afgedrukt,
uit te breiden.
- Als u Windows afsluit terwijl er een bestand op de printer wordt
afgedrukt, wordt de taakinformatie mogelijk niet bijgewerkt. In
dit geval wordt dezelfde taak geactiveerd wanneer u Windows weer
start.
4. Scannen
--------------------------------------------------------------------
- Zorg ervoor dat u voldoende schijfruimte hebt voor het scannen
van grote documenten met een hoge resolutie. Voor het scannen van
een compleet kleurendocument met 600 dpi hebt u minimaal 300 MB
aan vrije schijfruimte nodig.
- Voer slechts één toepassing tegelijk uit van de toepassingen die
aan ScanGear zijn gekoppeld. Open niet meerdere toepassingen
tegelijk van de toepassingen die aan ScanGear zijn gekoppeld.
Open ook ScanGear niet meer dan eens om een afbeelding in
dezelfde toepassing in te lezen.
- Wanneer u grote afbeeldingen scant op hoge resolutie, is het
mogelijk dat de voortgangsbalk stopt bij 0% of dat uw computer
niet meer reageert, afhankelijk van de grootte van het bestand en
de beperkingen van de gebruikte toepassingen. Als dit gebeurt,
annuleert u de bewerking (bijvoorbeeld door te klikken op de knop
[Annuleren] van de voortgangsbalk), vergroot u het virtuele
geheugen en voert u de scan opnieuw uit. U kunt het probleem
mogelijk ook oplossen door een kleiner gebied te selecteren met
een lagere resolutie.
U kunt de afbeelding ook scannen en opslaan vanuit MP Navigator
en het resulterende bestand in uw toepassing importeren.
- Het is mogelijk dat onder Windows XP of Windows 2000 de TWAIN-
gegevensbron zo nu en dan niet goed wordt geopend wanneer het
systeembestand de indeling NTFS heeft. Om veiligheidsredenen kan
de TWAIN-module niet worden geschreven naar de directory "winnt".
Raadpleeg uw systeembeheerder voor meer informatie.
- Sluit altijd het hoofdvenster van ScanGear voordat u de
hoofdtoepassing afsluit.
- Bepaalde computers (inclusief laptops) worden niet goed gestart
vanuit de modus stand-by wanneer het apparaat is aangesloten.
Start de computer opnieuw op als dit gebeurt.
- De knop Zwart of de knop Kleur werkt wellicht niet in de
scanmodus nadat u het stuurprogramma hebt geïnstalleerd. In dit
geval start u het systeem opnieuw op.
- Wanneer u een voorbeeld van een afbeelding weergeeft of een
afbeelding scant die een relatief gelijkmatige achtergrond heeft,
is het mogelijk dat de kleuring van de functie voor automatische
tint wordt gewijzigd.
Als dit gebeurt, stelt u deze functie opnieuw in.
====================================================================
Opmerkingen bij toepassingen:
====================================================================
1. Afdrukken (Windows XP/Windows 2000)
--------------------------------------------------------------------
- Microsoft Word/Microsoft Corporation
Als u een hogere waarde opgeeft dan 1 bij [Pagina's per vel] in
het dialoogvenster [Afdrukken] van Word, gebruikt u niet de optie
[Pagina-indeling afdrukken] op het tabblad [Pagina-instelling]
van het printerstuurprogramma.
Als u voor beide instellingen een hogere waarde opgeeft dan 1,
wordt het afdrukken niet correct uitgevoerd. Wanneer u meer dan
één pagina per vel wilt afdrukken, geeft u dit op door slechts
een van de instellingen te wijzigen.
- Microsoft Word/Microsoft Corporation
Wanneer u in het dialoogvenster [Afdrukken] de optie [Aanpassen
aan papierformaat] gebruikt, moet u niet de optie [Afdrukken op
schaal] op het tabblad [Pagina-instelling] van het
printerstuurprogramma gebruiken. Als u deze optie gebruikt,
krijgt de optie [Papierformaat printer] op het tabblad [Pagina-
instelling] van het printerstuurprogramma voorrang boven de optie
[Aanpassen aan papierformaat] van Word.
- Microsoft Word/Microsoft Corporation
Wanneer de optie [Formaat zonodig wijzigen in A4/Letter] van Word
is ingeschakeld en de optie [Afdrukstand] in het dialoogvenster
[Pagina-instelling] van Word is ingesteld op [Staand] en de
[Afdrukstand] in het printerstuurprogramma is ingesteld op
[Liggend], wordt het afdrukken niet correct uitgevoerd. U kunt
dit voorkomen door vóór het afdrukken de optie [Formaat zonodig
wijzigen in A4/Letter] uit te schakelen. U krijgt toegang tot
deze functie door het dialoogvenster [Opties] te openen vanuit
het menu [Extra] van Word en te klikken op het tabblad
[Afdrukken].
- Microsoft Word/Microsoft Corporation
Wanneer u het [Papierformaat] en de [Afdrukstand] wilt wijzigen,
doet u dit in Word en niet in het printerstuurprogramma.
- Microsoft Word/Microsoft Corporation
Wanneer u [Afdrukken op schaal], [Passend op papierformaat] of
[Pagina-indeling afdrukken] selecteert bij [Afdruktype] op het
tabblad [Pagina-instelling], doet u het volgende:
1. Open het dialoogvenster [Afdrukken] van Word.
2. Open het eigenschappenvenster van het printerstuurprogramma,
selecteer [Afdruktype] op het tabblad [Pagina-instelling] en
klik op [OK].
3. Sluit het venster [Afdrukken] zonder het afdrukken te starten.
4. Open het dialoogvenster [Afdrukken] van Word opnieuw.
5. Open het eigenschappenvenster van het printerstuurprogramma en
klik opnieuw op [OK].
6. Start het afdrukken.
- Microsoft Excel 2002/Microsoft Corporation
Als de optie 'Formaat zonodig wijzigen in A4/Letter' in Excel
2002 is ingeschakeld en de instelling voor 'Papierformaat' op het
tabblad 'Pagina-instelling' van het printerstuurprogramma komt
niet overeen met de instelling voor papierformaat in Excel (de
ene optie staat ingesteld op A4 en de andere op Letter), wordt
bij het afdrukken de instelling van het printerstuurprogramma
gebruikt.
Als er een probleem optreedt, geeft u in het
printerstuurprogramma dezelfde instelling op voor het
papierformaat als in Excel. U kunt ook in Excel op het tabblad
"Internationaal" de optie "Papierformaat zonodig wijzigen in
A4/Letter" uitschakelen en vervolgens de gegevens afdrukken.
- Photoshop/Adobe Systems Inc.
Het afdrukken wordt niet uitgevoerd als u geen beheerdersrechten
hebt. Zorg dat u zich aanmeldt met beheerdersrechten.
- Lotus Notes/Lotus Corporation
Het systeem kan bij bepaalde afdruktaken vergrendeld raken. Zorg
dat u in de pagina-instellingen van Notes een boven- en
ondermarge opgeeft van 22,86 mm (0,9 inch) of 27,94 mm (1,1
inch).
- Microsoft Outlook/Microsoft Corporation
Als u het afdrukken vanuit de toepassing annuleert, loopt de
volgende afdruktaak vast. Selecteer op het tabblad [Geavanceerd]
van het eigenschappenvenster van de printer, de functie voor het
in de wachtrij plaatsen van het document.
- CorelDRAW 8/Corel Corporation
Er kunnen problemen optreden bij het openen van het
eigenschappenvenster van het printerstuurprogramma vanuit
CorelDRAW 8.0. Het systeem kan vastlopen of er kunnen tekens
beschadigd raken. U voorkomt dit door het eigenschappenvenster
van het printerstuurprogramma te openen vanuit de map [Printers],
de gewenste instellingen op te geven en vervolgens af te drukken
vanuit de toepassing.
Dit probleem treedt niet op bij CorelDRAW 9.0.
- Illustrator/Adobe Systems Inc.
Het afdrukken van bitmaps duurt lang of er worden enkele gegevens
niet afgedrukt. Maak de selectie van de optie voor bitmap
afdrukken in het dialoogvenster [Afdrukken] ongedaan en druk
opnieuw af.
2. Afdrukken (Windows Me/Windows 98)
--------------------------------------------------------------------
- Microsoft Word 95/97/2000/2002 (Microsoft Corp.)
Wanneer u Microsoft Word gebruikt, is het mogelijk dat documenten
die zijn ingesteld op vergroot of verkleind afdrukken, niet
worden vergroot of verkleind.
U gebruikt de functie voor vergroting/verkleining door eerst
[Start] - [Instellingen] - [Printers] te selecteren en vervolgens
met de rechtermuisknop op de naam van de printer te klikken die u
gebruikt. Selecteer vervolgens [Als standaard instellen] en geef
het papierformaat op op het tabblad [Pagina-instelling] in het
eigenschappenvenster van de printer.
U kunt de toepassing nu starten.
Als u de functie voor vergroting/verkleining niet gebruikt, of
als u afdrukt na geklikt te hebben op de knop [Sluiten] om het
dialoogvenster Afdrukken te sluiten, gebruikt de printer het
opgegeven papierformaat.
- CorelDRAW (Corel Corporation)
In sommige gevallen zijn de instellingen in het
printerstuurprogramma niet geldig. Als dit gebeurt, slaat u de
afdrukgegevens op en sluit u CorelDRAW.
Selecteer vervolgens [Start] - [Instellingen] - [Printers] en
klik met de rechtermuisknop op de naam van de printer die u
gebruikt. Selecteer vervolgens Eigenschappen. Voer nu de
instellingen in voor het printerstuurprogramma, start CorelDRAW
opnieuw op en druk het document af.
- Bij sommige softwareprogramma's worden de instellingen voor
vergroot/verkleind afdrukken geannuleerd wanneer het
eigenschappenvenster van de printer wordt gesloten en opnieuw
wordt geopend.
De verhoudingen voor de vergroting/verkleining worden ingesteld
op basis van de verhouding tussen het opgegeven documentformaat
en het papierformaat in de printer.
Als dit gebeurt, kunt u met de juiste verhouding voor de
vergroting of verkleining afdrukken door onmiddellijk na het
instellen van deze verhouding af te drukken.
- Wanneer u de functie voor pagina-indeling gebruikt, kunnen in
sommige toepassingen gegevens naar de volgende pagina worden
verplaatst.
3. Scannen
--------------------------------------------------------------------
- De TWAIN-gebruikersinterface wordt in sommige toepassingen
verborgen.
In de handleiding voor de applicatieprogrammeur kunt u lezen hoe
u de vereiste instellingen wijzigt, zodat de TWAIN-
gebruikersinterface weer wordt weergegeven.
- Met sommige toepassingen zoals Microsoft Word 2000, Excel 2000
en PowerPoint 2000 kunt u documenten met meerdere pagina's niet
scannen.
Deze toepassingen accepteren alleen de eerste pagina.
In dit geval moet u elke pagina afzonderlijk scannen.
- Microsoft Outlook/Microsoft Corporation
Wanneer u afbeeldingen scant die een volledige pagina beslaan, in
een toepassing van Microsoft Office (zoals Word, PowerPoint of
Excel), is het raadzaam de opdracht Aangepast invoegen te
gebruiken in het dialoogvenster Figuur invoegen van scanner of
camera. Als u dit niet doet, wordt de afbeelding mogelijk niet
goed gescand.
- Corel WordPerfect 10/Corel Corporation
Afbeeldingen die uit Corel WordPerfect 10 worden geïmporteerd,
worden mogelijk niet goed gescand. Als dit gebeurt, verhoogt u de
beschikbare hoeveelheid virtueel geheugen en scant u de
afbeelding opnieuw. Hiermee lost u het probleem mogelijk op.
____________________________________________________________________
Microsoft en Windows zijn in de VS en andere landen gedeponeerde
handelsmerken van Microsoft Corporation.
Andere merknamen en productnamen zijn handelsmerken of
gedeponeerde handelsmerken van de respectieve eigenaars.
Download Driver Pack
After your driver has been downloaded, follow these simple steps to install it.
Expand the archive file (if the download file is in zip or rar format).
If the expanded file has an .exe extension, double click it and follow the installation instructions.
Otherwise, open Device Manager by right-clicking the Start menu and selecting Device Manager.
Find the device and model you want to update in the device list.
Double-click on it to open the Properties dialog box.
From the Properties dialog box, select the Driver tab.
Click the Update Driver button, then follow the instructions.
Very important: You must reboot your system to ensure that any driver updates have taken effect.
For more help, visit our Driver Support section for step-by-step videos on how to install drivers for every file type.